EEN STRENG VERKEERSBELEID IS LEGITIEM IN VLAANDEREN


Door Guy Tegenbos

HET verkeersreferendum in Peer kende een verrassende uitslag, maar het toont aan dat strenge verkeerscontroles legitiem zijn in Vlaanderen.

Het referendum had maar plaats in één gemeente in Vlaanderen, niet eens een erg grote, maar er werd wel gestemd na een uitvoerig debat en in concrete lokale omstandigheden; iedereen wist wat de inzet was, iedereen wist wat de concrete consequenties zouden zijn.

Voor een veralgemeende verlaging van de snelheid _ op gewone wegen tot 70 km per uur, en in de centrumstraten en woonkernen tot 30 km per uur _ is er in Peer nog geen meerderheid. Dat doet veronderstellen dat dit wellicht geldt voor heel Vlaanderen.

Ofschoon vast staat dat snelheid het aantal ongevallen en de ernst ervan doet toenemen, zijn we nog niet massaal gewonnen voor een algemene verlaging ervan.

Maar als er regels zijn, moeten die wel nageleefd worden, en dat vergt dat streng gecontroleerd wordt. Daar zijn we wél voor.

Dit gaat minder ver dan opiniemakers, politieke verantwoordelijken en middenvelders dachten en hoopten. Maar het is een basisstelling waarmee ook efficiënt te werken valt aan de vermindering van het dramatisch hoge aantal verkeersdoden en slachtoffers.

Als politici en anderen het volk verder willen brengen dan dit standpunt, mogen ze dit proberen, graag zelfs, maar het is hier en nu hun taak om eerst waar te maken wat het volk zeker wel wil. De regels die er zijn, moeten nageleefd worden en de controle daarop, mag streng zijn. Peer locuta, causa finita.

Wat betekent dit concreet? Iedere overheid moet doen waarvoor ze verantwoordelijk is. De twee belangrijkste overheden daarvoor zijn de lokale en de federale.

De lokale overheden hebben de plicht lokale veiligheidsplannen op te stellen. De nieuwe lokale politiekorpsen die ze gekregen hebben, zijn te duur, dat is juist. Maar dat kan geen excuus zijn voor burgemeesters, schepenen en gemeenteraadsleden om niet nu duidelijk op te leggen welke strenge verkeersveiligheidsacties ze verwachten van die lokale politie om de naleving van de verkeersregels af te dwingen op hun grondgebied.

De federale overheid concentreerde zich tot nu op het oplaten van nieuwe ballonnetjes om de aandacht af te leiden van haar onvermogen om iets te doen aan de verkeersveiligheid. Minister Isabelle Durant kwam vorige week aandraven met nieuwe camera's; kabinetschef Koen Dassen van minister Duquesne vond afgelopen weekeinde uit dat hij burgers achter de flitscamera's kon zetten in plaats van agenten. Minister Marc Verwilghen wil boetes administratief afhandelen, maar wel een ietsiepietsie anders dan het oppositievoorstel dat ter tafel ligt; dus zal dit nog jaren uitblijven. Het federale niveau gedraagt zich kolderesk. Het heeft hooguit nog enkele maanden om te bewijzen dat het tot handelen in staat is.

De eigen verantwoordelijkheid van de Vlaamse overheid ligt in de aanpassing van de wegeninrichting. Daarnaast moet ze de gemeenten zo nodig begeleiden, en de federale overheid genadeloos onder druk zetten. Als die er voor de zomer niet in slaagt te bewijzen dat ze een lik-op-stuk-verkeerscontrole tot stand kan brengen, moet de Vlaamse regering zonder complexen de procedure inzetten om die onmachtige overheid haar bevoegdheden op dit terrein dan maar te ontnemen. De Vlaamse regering moet daarvoor méér ijver betonen dan voor de overdracht van de fiscale bevoegdheden destijds. Dit is geen communautaire scherpslijperij. Het gaat om mensenlevens. Reageer op www.standaard.be/commentaar

De Standaard van 14 januari 2002.