Over kut-Marokkaantjes, hondendrollenen Jean-Marie Le Pen
.


Een essay van Yves Desmet

Het stond er echt, zwart op wit, gisteren in deze krant. Volgens een Kroatische filosoof, gretig geciteerd door een Vlaamse progressieve politicoloog is, en wij citeren, "het succes van populistisch rechts de prijs die de linkerzijde betaalt voor de verloochening van elk radicaal project en voor het aanvaarden van het kapitalisme als een fait accompli. Rechts extremisme is de gemeenschappelijke negatieve noemer van het hele centrumlinkse liberale spectrum." Einde citaat. Vrij vertaald: de arbeiders en de steuntrekkers van deze wereld lopen naar extreem-rechts omdat de sociaal-democratie, hun traditionele politieke vertegenwoordiger, de marxistische recepten heeft opgegeven en de vrije markt heeft erkend als een onvolkomen, maar noodzakelijk economisch systeem. Ach zo.

Meent zo'n man dat nu echt, is de eerste vraag die dan bij me opkomt. Meteen gevolgd door: hoe kun je zo ver van de wereld los zijn?

De kleine man, slachtoffer van een mondialiserend kapitalisme, merkt dat zijn partij is gaan heulen met het establishment en wil weer een antikapitalistisch en radicaal concept. Maar in plaats van daarvoor aan te kloppen bij de nochtans talrijke marxistische splinterpartijtjes in Frankrijk en BelgiŽ, in plaats van mee te gaan demonstreren in antiglobalistische betogingen, stort hij zich vol overgave in de armen van Jean-Marie Le Pen en Philip Dewinter. Dat doet hij, begrijpen we nu, als statement tegen de vrije markt. Hallo?

Waarom windt Desmet zich zo op ? Omdat het eerste deel van de stelling wáár is ongetwijfeld:
LINKS HEEFT GEEN PROJECT.
Hoe schreef hij het zelf ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van De Morgen ?

Net zoals Vlaanderen is ook De Morgen de afgelopen twintig jaar veranderd. Van links-progressief dagblad, soms met het vingertje hoog geheven, erfgenaam van het gedachtegoed van mei '68, is de krant geŽvolueerd naar een weerspiegeling van de trends van de jaren '90: het verdwijnen van de grote zekerheden en het grote gelijk, de individualisering, de ontzuiling, de overgang van industriŽle naar informatiemaatschappij. Maar nog steeds leeft de krant, op een onafhankelijke wijze, iedere dag haar beginselverklaring na:
"De Morgen wil ruimte scheppen voor op vernieuwing gerichte denkbeelden, stromingen en cultuuruitingen. Daarmee beoogt ze een fundamentele bijdrage te leveren aan het tot stand brengen van een volledig geŽmancipeerde samenleving, waarbij een kritische houding tegenover alle bestaande instituten en machtscentra richtinggevend is voor de opstelling van de krant."
De morgen weerspiegelt dus de trends, volgt de trends, trends die door het grootkapitaal geïnitieerd worden. Binnen de grenzen van die trends gaat de krant ook kritisch zijn. Vrij vertaald: De Morgen wil politiek correct zijn.

Het is een voor progressieve academici waarschijnlijk te simpele vraag, maar waarom kiest die kleine man, wanhopig op zoek naar een radicaal, marxistisch, links antwoord op zijn problemen, dan voor het compleet andere uiterste van het spectrum? Daar wordt geen antwoord op gegeven. Maar vermoedelijk omdat het proletariaat, gevangen in de klauwen van de commerciŽle bewustzijnsindustrie, makkelijk manipuleerbaar en beÔnvloedbaar is, en zo ongeschoold dat het zich makkelijk laat verleiden door eendimensionale verklaringsmodellen en oplossingen. Die weliswaar regelrecht ingaan tegen zijn echte belangen en noden, maar de arbeiders - die mensen hebben nu eenmaal niet zo ver doorgeleerd, meneer - zijn veel vatbaarder voor de onjuiste simpele slogans dan voor onze juiste, maar complexe en intellectuele verklaringsmodellen. Eigenlijk willen ze wat wij hun voorstellen, maar is het voor hen een beetje moeilijk om dat te begrijpen.

Dat soort redeneringen, nog steeds bon ton in intellectueel-linkse middens, zegt meer over de psychologie van de hedendaagse intellectueel dan over de arbeider en de steuntrekker. Het zegt dat, ondanks de val van de Muur, ondanks het failliet van ieder reŽel bestaand socialisme, een aantal intellectuelen mordicus blijft vasthouden aan het geloof dat zij de laatste behoeders zijn van het theoretische concept dat mensen, desnoods tegen hun zin in, gelukkig zal maken. Dat daarvoor geen enkele, maar dan ook geen enkele reŽle aanwijzing op het veld te vinden is, zal hun een rotzorg wezen. Zij hebben gelijk, punt uit. Zij weten wat het beste is voor de werkmens. En als die werkmens dat zelf tijdelijk en voorlopig nog niet beseft, dan komt dat, ja, we zeggen het niet graag, maar dan is dat omdat die werkmens een beetje dom is, en dus door onze politieke tegenstanders, die meer middelen hebben om de publieke opinie te beÔnvloeden dan wij, intellectuelen, misleid en gemanipuleerd wordt. Een mengeling van intellectueel paternalisme (wij, en wij alleen, weten wat u eigenlijk echt wil en wat goed voor u is) en misprijzend cultuurpessimisme (de arbeider is een massa, makkelijk bestuurbaar en manipuleerbaar), ziedaar het recept van intellectueel links op de verrechtsing van Europa. Dat zijn de mensen die in de stuurgroepen van de Europese sociaal-democratie mee de beleidslijnen en de programma's uittekenen. Dat zijn de mensen die vanuit hun niet onaanzienlijk vergoede academische ivoren torens druk uitoefenen op de sociaal-democratie om een linksere koers te varen, want, zo hebben we inmiddels begrepen, dat is het enige wat die extreem-rechtse kiezer in werkelijkheid wil. Je begint je erover te verbazen dat de sociaal-democratie nog niet helemaal van de kaart geveegd is.

Maar Yves, dat is toch ook jouw redenering ? Wat schrijf je op het einde van dit eigenste artikel?
" Politiek is voor een stuk pedagogie: als je kind-kiezer terecht klaagt, helpt geen autoriteitsargument, maar moet je het ernstig nemen, gelijk geven en het probleem trachten op te lossen. Gedraagt je kind-kiezer zich als een verwend nest en jengelt het zonder reden, dan verdient het een standje."

Laat me eens proberen een ander verklaringsmodel te geven. Laatst wandel ik naar bar Asturias aan de voet van de Brusselse pensioentoren, waar de redactie wel vaker de beste tapas van de wijk als lunch gebruikt. Wij houden hier bij ons nogal van de goede kanten van de multiculturele maatschappij. Het is middag, een klaarlichte zomerse dag, en tweehonderd meter verder wacht een oud vrouwtje op de bus. Twee hooguit veertienjarige Marokkaantjes, uitgedost met de obligate baseballpet en Nike-sportschoenen, slenteren naderbij. Plots rukken ze de handtas van het vrouwtje af en voor iemand kan reageren, zijn ze al om de hoek gesprint, spoorloos verdwenen, het vrouwtje jammerend en met een schaafwonde aan de knie op de stoep achterlatend. Het vrouwtje wachtte op haar bus, die ze dankzij Steve Stevaert gratis mag gebruiken, in haar handtas zat waarschijnlijk een pensioencheque, waarvan de verdere uitbetaling verzekerd wordt door het Zilverfonds van Johan Vande Lanotte, en ze was waarschijnlijk op weg naar een kosteloze doktersvisite, dankzij de medische maximumfactuur van Frank Vandenbroucke. Maar ondanks alle voordelen die de sociaal-democratie haar bezorgde, wordt daar en op dat moment een extreem-rechtse stem geboren. Niet echt omdat het oude vrouwtje een radicaal links antwoord wil op de perverse effecten van een globaliserende wereldeconomie, niet eens omdat ze extreem-rechts denkt, maar omdat ze getraumatiseerd is. En terecht. Haar dag gaat verder langs een politiekantoor, waar een schouderophalende Brusselse flik haar na lang wachten in een rij met medeslachtoffers een pv overhandigt, met de laconieke mededeling dat dit waarschijnlijk het laatste is wat ze ooit over de zaak zal horen. Angstig loerend naar een groepje allochtonen met baseballpet en Nike-sportschoenen, dat nochtans perfect onschuldig wat rondhangt, loopt ze naar het Brusselse theesalon, waar de zaak even later druk besproken wordt met al haar vriendinnen, en die dragen het verhaal later verder naar hun vriendinnen en hun families. Voor het donker wordt, gaan ze allemaal op hun hoede naar huis, om als openingspunt van de verschillende tv-journaals dodelijke verkeersongevallen, een gewapende overval en de onderschepping van een vrachtwagen vol illegale asielzoekers te aanschouwen. Voor ze alleen gaat slapen, controleert ze nog driemaal of alle vensters en deuren wel goed op slot zitten.

Inmiddels zit onze jonge politicoloog, die net een briljante en ťcht authentieke couscous is gaan eten bij een supervriendelijke Marokkaan, nog wat na te genieten van een uitstekende Cubaanse rum, hem uitgeschonken door een bloedmooie Chileense met een duizelingwekkend uitgesneden topje, in een van de trendy bars bij het Sint-Goriksplein, waar het wemelt van talen en nationaliteiten, en de multiculturele samenleving zich van haar beste kant toont. Snel ontspint er zich een discussie met een medeacademicus uit Nigeria, hier op bezoek in het kader van een uitwisselingsprogramma, over de theorie van een Kroatisch filosoof die meent dat "het succes van populistisch rechts de prijs is die de linkerzijde betaalt voor de verloochening van elk radicaal project en voor het aanvaarden van het kapitalisme als een fait accompli."


Er lopen rot-Marokkaantjes rond op straat. Er zijn criminele ex-Joegoslaven en Albanezen in dit land aan het werk. Er zijn Turken die hun vrouwen mishandelen en hun dochters tegen hun zin uithuwelijken. Net zoals er Vlaamse klojo's en rotzakjes rondlopen. Maar nog steeds gaat een huivering door progressieve middens wanneer die simpele vaststelling gemaakt wordt. Want als je je door zo'n uitspraak al niet direct als racist kenmerkt, dan draag je minstens bij tot een stigmatiserende beeldvorming van de allochtone gemeenschap. Nee, dat doe je niet. Je bent een racist als je stelt dat Šlle Marokkanen rot-Marokkanen zijn, en Šlle ex-Joegoslaven crimineel, want dat zijn ze zeker niet.
Sorry Yves, maar zelfs dan ben je geen racist. Je bent alleen racist als je op basis van die mening ook voorstelt om Turken of Marokkanen minder of ook MEER rechten toe te kennen. Ik mag gerust mijn buurman een schele noemen en zelfs beweren dat gans zijn familie scheel ziet, dat maakt nog geen racist van mij. Maar als ik voorstel om alle schele mensen te verplichten om zich te laten opereren, DAN ben ik racist.
En bijdragen tot de negatieve beeldvorming? Ach, daar zorgen de rot-Marokkaantjes zelf wel voor, zonder hulp van om het even wie. Door alleen de zegeningen en voordelen van de multiculturele maatschappij, die er ongetwijfeld zijn, te blijven bewieroken, en door de negatieve kanten van de multiculturele maatschappij, die er evenzeer zijn, te negeren of te minimaliseren, zendt goedmenend links ťťn boodschap uit naar het oude vrouwtje: dat ze niet serieus genomen wordt, dat ze leutert, dat ze dom is. Je zou voor minder extreem-rechts kiezen. Je zou voor minder net met vuur het omgekeerde verhaal gaan vertellen: dat er alleen nadelen aan de multiculturele samenleving zijn. Waardoor het debat zich onherroepelijk polariseert, waardoor de kiezer geen redelijke en rationele middenpositie ontdekt en zich dus aansluit bij een mening die hij niet ten volle deelt, maar waarin hij wel elementen van zijn eigen belevingswereld terugvindt. Wat dan volgt, is simpele rekenkunde: het aantal mensen dat zelf of in hun onmiddellijke omgeving negatieve ervaringen heeft met aspecten van de multiculturele samenleving, is vele malen groter dan het aantal linkse intellectuelen dat op de terrasjes van het Sint-Goriksplein zit.

Extreem-rechts, in Vlaanderen en Frankrijk, is allang niet meer het kringetje van oud-collabo's, neo-nazi's en extreem-nationalisten waaruit hun kader bestaat. Bij iedere verkiezing komt er een nieuwe concentrische cirkel bij van doodnormale en rustige burgers, die daarom niet in de recepten van extreem-rechts geloven, die niet racistisch zijn, maar die wel vinden dat de klassieke politieke partijen een van hun basisrechten, dat op veiligheid, niet langer behoorlijk garanderen. En zolang verkiezing na verkiezing in het teken van die veiligheid gezet worden en de klassieke partijen daarmee toegeven dat het wel degelijk de problematiek nummer ťťn is, maar er tegelijk niets tegen ondernemen, zit je gevangen in een spiraal van steeds verder uitdeinend rechts en extreem-rechts.

De enige oplossing is dan ook dat progressief Vlaanderen, en al de partijen waarin het zit, het probleem erkent en een eigen veiligheidsbeleid ontwikkelt. Dat is er vandaag niet, omdat nog steeds zowat iedere progressieve politicus kippenvel krijgt als het woord wordt uitgesproken, bang als hij is door de links-intellectuele eigenaars van het grote marxistische gelijk als rechtse zak te worden uitgekreten. Ik begrijp dat echt niet. Wat is er nu zo progressief, wat draagt het nu bij tot een open, tolerante en multiculturele maatschappij om werkloos te blijven staan toekijken hoe een rot-Marokkaantje keer op keer handtasdiefstallen pleegt, en, bij de zeldzame keren dat hij betrapt wordt, steevast een half uur later fluitend het politiekantoor verlaat, nagekeken door steeds meer gefrustreerde en ook al rechtser wordende agenten? Welk progressief en humanistisch ideaal is daarmee gediend?

Tekenend was de discussie die onlangs ontstond over een ideetje van de Mechelse VLD-burgemeester Bart Somers. In een aantal Mechelse wijken is er een reŽle overlast: nachtlawaai, het jennen van medebewoners, vandalisme. Minicriminaliteit, maar het verzuurt de hele wijk. Een overbelast parket zal zo'n zaken niet eens aanraken, maar direct seponeren, wat bij de daders een gevoel, nee, de garantie van feitelijke straffeloosheid oplevert. Somers stelt voor een retributie op te leggen aan de jonge daders die naar het politiekantoor worden gebracht. In plaats van meesmuilend en de middenvinger opgestoken het politiekantoor buiten te lopen kunnen ze voortaan 49 euro afdokken. Het kostte Somers de banbliksems van progressief criminoloog Lode Walgrave, die onmiddellijk wees op de wettelijke bezwaren tegen het systeem en vreesde voor een arbitraire toepassing door de politiediensten, die in de ogen van de professor, al zal hij het nooit publiek zeggen, voornamelijk uit racisten zijn samengesteld. Kortom, de doemgestalte van de politiestaat maakte zich kenbaar, dit was niet anders dan een staaltje inefficiŽnt populisme dat de deur openzet voor een afbraak van onze meest te vrijwaren en onvervreemdbare grondrechten. Komaan zeg. Een retributie van 49 euro als eerste stap naar de invoering van een politiestaat?

De invoering van paardenpatrouilles in de winkelstraten kostte Somers eveneens het hoongelach van de progressieve goegemeente. Ook daar loerde immers de politiestaat en Big Brother om de hoek. Toegegeven, als gewezen studentenactivist die een paar keer op de vlucht is geslagen voor een aanstormende bereden rijkswachtcharge, had ik ook enige emotionele weerstand tegen het idee. Tot de Antwerpse politiecommissaris Luc Lamine, die ook graag ruiterpatrouilles wil, maar ze niet krijgt van zijn soms te politiek correct denkend college, me de speurderslogica ervan uitlegde. Zichtbare ruiters hebben een afschrikkend effect op winkeldieven en een veiligheidsverhogend effect op wandelaars, wat psychologisch al mooi meegenomen is. Bovendien zijn ze efficiŽnt: een ruiter beschikt over een grotere observatiemogelijkheid dan een agent in de massa, en kan door radioverbinding agenten in burger naar een verdachte situatie leiden, wat de pakkans vergroot. Dat blijkt te kloppen: in Mechelen zijn sinds de invoering van de patrouilles de winkeldiefstallen met 40 procent gedaald. Shoppers blij, winkeliers blij en ikzelf heb sindsdien ook minder last van mijn emotionele aversie tegen flikken op een paard.
Dus, beste Yves, indien Lamine je persoonlijk niet het voordeel was komen uitleggen, dan behoorde je nu nog altijd tot de hoonlachende progressieve goegemeente. Als het zo werkt, dan komen er drukke tijden voor jou: je moet dan immers 600.000 kiezers van het Vlaams Bliok gaan uitleggen dat hun emotionele weerstand tegen de multiculturele maatschappij flauwe kul is. Je moet dan wel eveneens sterke argumenten hebben.
Toevoeging februari 2003:
over de liefde van Yves voor Luc.

Begint dit stilaan een pleidooi te worden naar progressief Vlaanderen om volop de repressie te omhelzen als enig zaligmakend middel in de veiligheidsproblematiek? Nee, het is hooguit een oproep om de blinde aversie tegen elke vorm van repressie op te bergen in dezelfde mottenballen waarin eerder al wat marxistische en communistische idealen zijn gestopt. Repressie alleen is verre van zaligmakend, dat klopt, maar het is een essentieel bestanddeel van iedere veiligheidspolitiek, ook een progressieve. Vooral omdat repressie en zichtbare preventie een heilzaam psychologisch effect sorteren. Het oude vrouwtje weet ook wel dat Philip Dewinter geen mirakeloplossingen heeft en wil ook niet dat alle vreemdelingen morgen manu militari het land worden uitgezet. Wat ze wel wil, is een politicus die aandacht voor haar probleem heeft en er, desnoods met trial and error, probeert iets aan te doen. Ook al boekt hij niet onmiddellijk resultaten. Wat ze niet wil, is een politicus die omstandig en intellectueel onderbouwd zit uit te leggen waarom repressie niet werkt en alleen maar kan leiden tot de invoering van de politiestaat. Want, zo slim is ze wel, daar komen nooit resultaten van.

Progressief Vlaanderen moet een koele minnaar van repressie worden, en het ook toepassen. In plaats van, zoals nu, er enkel af en toe noodgedwongen lippendienst aan te bewijzen om ze vervolgens in de feiten tegen te werken.


Er lopen rot-Marokkaantjes rond, en er zijn ook redenen waarom ze kleine rot-Marokkaantjes worden. De achterstelling van allochtone bevolkingsgroepen in dit land is schrijnend. Niet eens in het dossier van het migrantenstemrecht, dat meer symboliek dan realiteit inhoudt, maar vooral op het gebied van werk. Sla er de werkloosheidsstatistieken op na, praat met om het even welke vertegenwoordiger van de allochtone gemeenschap en vraag hem naar het grootste probleem, en het antwoord ligt voor het oprapen. De jonge mannelijke allochtone bevolking vindt geen werk, en dus geen inkomen, en dus geen eigenwaarde, en dus geen respect. Een hele generatie groeit op in migrantenwijken zonder enig uitzicht ooit een zinvolle job, zelfs een job tout court, te vinden. Een generatie die als enig perspectief op een inkomen een leven lang uitkeringen ziet, of het rolmodel volgt van de jonge zazou met zonnebril en open cabriolet die dankzij het dealen van drugs wel de mooiste meisjes van de wijk in zijn auto krijgt. Daar revolteer je tegen, en bij een meerderheid van die verloren generatie vertaalt die revolte zich niet in politieke, maar in criminele actie. Zeker in de machocultuur, die nogal wat allochtone groepen kenmerkt, is het moeilijk te verwerken dat je zus wel een job binnenrijft, zelfs gevraagd wordt om op de lijst van een partij te gaan staan, terwijl jij en je vrienden scheef bekeken worden omdat je niets anders te doen hebt dan wat op straat rond te lummelen. In zo'n habitat hoeft het geen verwondering te wekken dat minder kosjere plannen beraamd worden.
Nochtans, wanneer Vlamingen reageren tegen hun structurele achterstelling binnen de Belgische Staat, en ze doen het wat onhandig, zoals de burgemeester van Ronse indertijd, dan zoek je niet naar verklaringen, dan is zo'n Vlaming direct een fascist nietwaar.
Die structurele achterstelling, die feitelijke segregatie op de arbeidsmarkt is een belangrijke verklaring, geen excuus, voor de maatschappelijke overlast die die groep veroorzaakt. Noch de ouders van die jongemannen, noch hun zusters beschikken over de hefbomen om die situatie te veranderen.
En als het van jou afhangt zullen ze ook nooit die hefbomen krijgen: referenda en directe democratie vind je maar niets ...
Ook zij kijken machteloos toe hoe die groep door haar gedrag het beeld en het imago van de hele allochtonengemeenschap naar beneden haalt. Sommigen van hen beginnen zelfs op het Blok te stemmen, hopend daar de plaatsvervangende autoriteit te vinden die zij over hun kinderen zijn kwijtgeraakt.

Om het ontstaan van crimineel gedrag te ontmoedigen is gerichte actie naar een emancipatie van de allochtonen op de arbeidsmarkt nodig.
Nooit eens aan gedacht om het concept "arbeidsmarkt" in vraag te stellen ?
Misschien voelen die allochtonen wel beter aan dan de Vlamingen dat ARBEIDSMARKT = SLAVENMARKT.
Hoe kun je nog normaal vinden dat in de 21ste eeuw de mens een groot deel van zijn tijd moet verkopen om aan eten te geraken?

Wie beter dan een traditioneel op emancipatie gerichte, progressieve politieke stroming kan daarvoor zorgen?
Met directe democratie kunnen we terug de dictatuur van de economie binnen menselijke perken houden.
Net daar moet links het onderscheid maken met extreem-rechts, dat tegen alle dergelijke maatregelen is, net omdat zo'n politiek op termijn de bron zou kunnen opdrogen waaruit heel veel maatschappelijk ongenoegen ontstaat. Philip Dewinter is moeilijk te pakken als hij zijn 'verplichting tot integratie'-praatje houdt. Maar als je hem vraagt waarom hij er dan tegen is om meer middelen vrij te maken voor Nederlandstalig onderwijs voor migranten, krijgt hij het moeilijk. Omdat hij dan moet toegeven dat hij dat eigenlijk niet wil, dat hij allochtonen permanent in de put wil duwen, zodat er een kweekvijver voor onrust ontstaat, waaruit hij stemmen hoopt te vissen. Dat soort redeneringen valt niet goed bij de klassieke arbeidersachterban, die wel vindt dat allochtonen, net zoals zijzelf, de kans op emancipatie moeten krijgen en pas moeten aangepakt worden als ze die kans weigeren of verkwanselen.

Het verstrekken van jobs en inkomens aan allochtone mannelijke jongeren, en alle consequenties op gebied van onderwijs en vorming die zo'n politiek inhoudt, zal niet alleen de lokroep van de criminaliteit kleiner maken, maar er bovendien voor zorgen dat op de werkplekken meer en betere sociale contacten ontstaan tussen allochtonen en Vlamingen. Want in de feiten, en op de terrasjes van het Sint-Goriksplein na, is er weinig direct sociaal contact tussen de verschillende bevolkingsgroepen in dit land.
Een meer objectieve waarnemer zou kunnen besluiten: multicultuur werkt niet. Maar voor Yves Desmet blijft dat voorlopig een dogma.
Nochtans is dat soort contacten levensbelangrijk voor het doen aanvaarden van de onvermijdelijkheid van de multiculturele maatschappij.
De onvermijdelijkheid van de multiculturele maatschappij ?? In een democratie zouden we toch mogen verwachten dat het volk daar iets over te zeggen heeft. Zo veel democratie vindt Desmet niet nodig. Blijkbaar is het nog altijd een voorhoede die de koers moet uitstippelen en de conservatieve massa moet overtuigen.
Het oude vrouwtje zal haar trauma beter verwerken als haar zoon op bezoek komt dankzij de Marokkaanse collega die zijn dienst overneemt en dankzij haar Turkse bejaardenhelpster die luidkeels beaamt dat sommige jonge Marokkaantjes inderdaad rotjochies zijn.

Links legt veel te weinig de nadruk op het feit dat net extreem-rechts verhindert dat er oplossingen komen voor het veiligheidsprobleem, omdat het alle initiatieven die de oorzaken van die onveiligheid kunnen wegnemen, boycot. En waarom doet links, en bij uitbreiding democratisch Vlaanderen dat? Omdat ze gevangen zitten in de lichtbak van het Blok, bang dat ťťn op emancipatie gerichte maatregel ten voordele van de migrantengemeenschap misschien enkele verongelijkte stemmen zou kunnen opleveren aan het Blok.
Natuurlijk, de burger heeft een instinctieve afkeer van de Staat als opvoeder. De Staat moet alleen de GELIJKHEID tussen de burgers op het wettelijk vlak verzekeren. Maar voormalige Lenin-Stalin en Trotsky aanbidders willen nog altijd de nieuwe Sovjet-mens creëren.

Die pleinvrees, die zelfcastratie moet dringend afgeschud worden, en het wordt tijd dat de democratische en progressieve partijen hun kiezers zeggen waar het op staat. Met name dat naast repressie ook werkgelegenheid een essentieel onderdeel van een progressief veiligheidsbeleid vormt.


Zeggen waar het op staat, is ook op andere gebieden een goed idee. Het begint stilaan misselijk makend te worden om te zien hoe zichzelf democratisch achtende politici - Jeannine Leduc is het laatste voorbeeld - de goorste clichťs uitslaan, in de hoop stemmetjes te winnen, niet inziend dat ze geen kans maken tegen het origineel. Politiek leiderschap kenmerkt zich door het aangeven van een richting en een beleid, niet door te kijken waar de massa naartoe loopt en er dan voor te gaan lopen. Zeg tegen de eerste de beste tooghanger die de stelling verkondigt dat alle vreemdelingen klootzakken zijn dat er inderdaad klootzakken tussen lopen maar dat er ook veel anderen zijn, en hij valt stil, want hij weet dat dat waar is. En hij zal dan direct tegenwerpen: doe dan iets tegen de klootzakken. Op ťťn minuut zie je dan hoe dun de scheidslijn is tussen een rechtmatige vraag naar een resultaatgericht beleid en de wereld van clichťs en vooroordelen.

De uiterst rechtse stemmen, niet de hardcore, maar wel diegenen die er de laatste verkiezingen zijn bijgekomen, weten perfect dat ze niet helemaal juist zitten, en hebben er geen probleem mee om op een intelligente manier tegengesproken te worden. Niet door argumenten die de problemen verbloemen en minimaliseren, maar door een rustige analyse. Dat ze voor een stuk gelijk hebben, dat er iets moet gebeuren, maar ook dat Rome niet op ťťn dag gebouwd is, en dat de politiek niet alles kan, en dat ze ook hun verantwoordelijkheid moeten nemen, en niet alleen maar zagen en kankeren. Johan Vande Lanotte sloeg de nagel op de kop verleden zaterdag in deze krant toen hij stelde dat aan iedere hond die een drol legt op een Antwerpse straat een leiband vastzit, en aan iedere leiband een Antwerpenaar. Ook al hoort die Antwerpenaar dat niet graag, hij weet wel dat Vande Lanotte gelijk heeft.

En nu komt de anti-democratische aap uit de mouw: de opdrachtverklaring van Yves Desmet:
Politiek is voor een stuk pedagogie: als je kind-kiezer terecht klaagt, helpt geen autoriteitsargument, maar moet je het ernstig nemen, gelijk geven en het probleem trachten op te lossen. Gedraagt je kind-kiezer zich als een verwend nest en jengelt het zonder reden, dan verdient het een standje.
Veel politici lijken er niet meer in te slagen de twee situaties uit elkaar te houden en geven het kiezer-kind altijd maar gelijk, in de hoop zijn liefde te behouden, maar zonder iets te doen om het echte probleem van het kind op te lossen. Het enige resultaat is dat hun kind-kiezer geen respect meer voor hen heeft en slechte vriendjes opzoekt. En vervolgens grijnzend toekijkt hoe papa en mama beven van de schrik.

Yves Desmet is politiek hoofdredacteur van De Morgen.